Delfland, 4 nov. 2026. Het waterschap Delfland kon in 2026 niet genoeg water aanvoeren. Was het Delflandse besluit om in de droge zomer van 2026 alle tuinders en andere bedrijven te verbieden slootwater in te nemen, achteraf gezien ook terecht? Het college van Delfland komt in de bestuurlijke evaluatie van de droogte in de zomer van 2026 niet veel verder dan ‘dat de communicatie aan de watervragers’ moet worden verbeterd.
De ‘olifant in de kamer’: de droogte van 2026 was geen éénmalige uitzondering, maar past in een rijtje van extreem droge zomers in de afgelopen jaren.
AWP Delfland maakt zich zorgen over klimaatverandering en de lange perioden van zomerse droogte. “Als het regent, kan Delfland 200 kuub per seconde uitmalen. Maar als het droog is, dan kunnen we maar 6 kuub per seconde inmalen? Dat is gewoon niet in balans”. Vroeger hoefde Delfland zich nooit druk te maken over zomerse droogte, maar ‘vroeger is dood’, en klimaatverandering stopt niet in 2026.
Delfland verklaart in haar Zoetwaterstrategie dat het college de bestaande zomerse zoetwateraanvoer van bijna 6 kubieke meter per seconde voor het hele gebied ‘robuust wil maken’. Echter, de zomerse aanvoer van 6 kuub per seconde is al jaren stabiel, maar structureel te weinig in perioden van zomerse droogte. Waarom heeft het college al na de eerste extreme zomerse droogte in 2018 geen stappen gezet om ‘robuust meer water aan te voeren’?
AWP Delfland wil de zomerse aanvoer van zoetwater in de komende jaren uit het Brielse meer verhogen van 4 naar 6 kuub per seconde. “Dat lijkt een kleine toename, maar zou al 50% meer zijn dan nu”. Samen met de 1,8 kuub per seconde die vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal naar Delfland stroomt, komt de totale aanvoer dan op bijna 8 kuub per seconde. AWP Delfland vindt dat het college met praktische voorstellen moet komen om de zomerse wateraanvoer al op korte termijn te vergroten.