Leven met water leer je niet uit een boek
Ik groeide op op Texel. Daar leer je al jong dat water iets moois kan zijn, maar ook iets waar je respect voor moet hebben. De zee bepaalt er het landschap, het weer en voor een deel ook het dagelijks leven. Je ziet wat de kracht van water kan doen, maar ook hoeveel een schone, groene omgeving betekent voor hoe mensen wonen, leven en zich voelen.
Nu ik moeder en grootmoeder ben, kijk ik anders naar de toekomst. Niet vanuit grote woorden over klimaat en natuur, maar vanuit een eenvoudige vraag: in wat voor omgeving willen we dat onze kinderen en kleinkinderen straks leven? Kunnen zij veilig wonen, blijft er voldoende schoon water beschikbaar en kunnen zij opgroeien in een omgeving waarin natuur en gezondheid niet steeds verder onder druk komen te staan?
Daar ligt voor mij een belangrijke taak voor het waterschap. We moeten niet wachten tot water vervuild is voordat we ingrijpen. We moeten water vasthouden wanneer het beschikbaar is, zodat we tijdens droge perioden minder snel tekorten krijgen. En bij woningbouw en andere ruimtelijke ontwikkelingen moeten water en bodem vanaf het begin bepalen wat verstandig is, in plaats van achteraf te moeten bedenken hoe we problemen oplossen.
Dat vraagt soms om keuzes die niet iedereen prettig vindt. Maar problemen voor ons uitschuiven betekent meestal dat onze kinderen later een hogere rekening betalen — financieel én in hun leefomgeving.
Ik geloof niet dat alles met nieuwe regels of ingewikkelde plannen hoeft te worden opgelost. Vaak begint het met gezond verstand: vervuiling voorkomen, ruimte geven aan water en natuur en maatregelen nemen voordat problemen groot en duur worden.
Daar wil ik mij namens de AWP voor inzetten: voor schoon water, een veilige omgeving en een landschap waarin ook de volgende generatie prettig kan leven.